|
Mèèèh!
Denk niet wit, denk niet zwart... Moeilijk als je naar buiten kijkt, waar zich het voor velen zo idyllische Dickensiaanse winterlandschap uitstrekt, en je je tegelijkertijd realiseert dat zich op een te verwaarlozen afstand een drama afspeelt, waarbij duizenden onschuldige geitjes meedogenloos over de kling gejaagd worden. Probeer dan maar eens niet depressief te worden. Mèèèh!
Ik heb een hekel aan de stemmingswisselingen die zich altijd rond de kerstdagen voordoen in mijn hoofd. Een hekel aan de pijnlijk vernikkelde vingertoppen die achterblijven na het schrapen van het ijs van mijn voorruit. Aan de blauwe plekken op mijn heupen na de zoveelste glijpartij in de aangevroren sneeuw. Na de zoveelste gescheurde enkelband na het stappen op een door de sneeuw aan het oog onttrokken stoeprandje, dat er wel bleek te zijn. Aan het wachten op een tram die nu al dagen niet komt, omdat er wat sneeuw gevallen is. En dat in een land dat wereldberoemd is geworden dankzij vingers in dijken en elfstedentochten. En ondertussen blijven die geitjes maar afgemaakt worden. Mèèèh! Heb ik iets met geiten? Neuh, niet echt. Meer met schapen. Maar toch. Ik heb niet voor niets ooit op de Partij voor de Dieren gestemd. Dat vond ik namelijk wel een lekker wijf, toen. Bleek achteraf ook gewoon een geradicaliseerde bitch te zijn. En lesbisch bovendien. Ik ben de eerste om mijn fouten toe te geven. Mèèèh! Ik kwam laatst een geit tegen op de stadsboerderij. Een vriendelijk dier met een bescheiden oogopslag. Ze zei iets tegen mij, maar dat verstond ik niet. Ik gaf haar een aai tussen haar kleine horentjes en ze knabbelde aan mijn vingers. Er leek iets moois tussen ons te ontstaan, maar toen zij haar kleine staartje ophief en mij vergastte op een lange serie keutels, dacht ik: ach, laat ook maar. Er is al genoeg ellende op de wereld. Mèèèh! Ik heb dit jaar geen kerstboom. Waarom zou ik tenslotte een boom in mijn huis zetten? Ik heb mijn ballen daarom maar gewoon her en der tegen de muur gesmeten. Scherven brengen geluk en de lichtjes doen de rest. Wel ligt mijn koelkast vol met eten. Als je die deur opentrekt dan komt het kerstgevoel je tegemoet. En ook de stank van verrotting, want verreweg het meeste is al ver over de uiterste houdbaarheidsdatum. Dat komt omdat de vuilniswagen dankzij de sneeuw een excuus heeft gevonden om niet meer mijn straat in te rijden en ik te lui ben om naar de dichtstbijzijnde drukke verkeersweg te lopen om daar mijn vuilniszakken neer te zetten. Ik zou toch eens met mijn armen vol Komo-zakken onderuit glijden en dood gevonden worden. Moet je toch niet aan denken. Er sterven al genoeg sloebers rond de kerst. Mèèèh! Ik staar uit het raam en neurie Jinglebells. Mijn gedachten glijden langs het afgelopen jaar. Ik voel de leegte, de witbedekte leegte. Ik open een fles en draai een sjekkie. Achter mij knetteren de laatste stukjes van het lontje van een kaars, het overtollige vet smoort even later het wankele vlammetje. In de verte hoor ik het huilen van de geiten. Vrolijk kerstfeest allemaal. Mèèèh!
Geplaatst op: Dinsdag 22 december 2009 om 10:10 uur
|
9164
bezoekers |